nieuws

Hotspotanalyse toont concentraties medicijnen in oppervlaktewater

Publicatie

18 Dec 2017

Categorie

Watervisie

Soort

nieuws

Tags

Stowa

Ongeveer de helft van de totale concentratieverhoging bij lozingspunten van RWZI’s in het oppervlaktewater wordt veroorzaakt door tien procent van de RWZI’s. Dat is een van de conlusies van de hotspotanalyse die wateronderzoeksbureau Stowa uitvoerde. Wat betreft benedenstroomse waterkwaliteit veroorzaakt twintig procent van de RWZI’s (63 in aantal) ongeveer tachtig procent van de totale invloed op het Nederlandse regionale watersysteem.

De problematiek van ’medicijnresten’ in het oppervlaktewater heeft de afgelopen jaren regelmatig de pers en de agenda van de landelijke politiek gehaald. De maatschappelijke en wetenschappelijke zorg over de effecten ervan neemt bovendien snel toe. Dit vormde voor STOWA aanleiding voor het uitvoeren van een hotspotanalyse. De analyse beperkt zich tot humane geneesmiddelen en is gebaseerd op kentallen, die zijn gebaseerd op daadwerkelijk gemeten waarden in effluent van Nederlandse rwzi’s.

Maatlatten

De concentratiebijdrage van elk van de 314 RWZI’s en de 23 grensoverschrijdende rivieren en beken is berekend voor elk oppervlaktewaterlichaam. Op basis van deze gegevens zijn vervolgens specifieke ’maatlatten’ afgeleid voor drie waterkwaliteitsaspecten. Dit zijn (1) de concentratiebijdrage aan het ontvangende water bij het lozingspunt, (2) de invloed op de benedenstroomse waterkwaliteit en (3) de beïnvloeding van drinkwaterbronnen.

Concentratiebijdrage ontvangende water

Wat betreft de concentratiebijdrage aan het ontvangende water bij het lozingspunt laten de resultaten zien dat ongeveer de helft van de totale concentratieverhoging bij lozingspunten van RWZI’s in het oppervlaktewater wordt veroorzaakt door tien procent van de RWZI’s (31 stuks). De concentratiebijdrage van deze RWZI’s ligt tussen de 18 en 36 µg/l. RWZI’s met een hoge concentratiebijdrage komen vooral voor bij kleine ontvangende oppervlaktewateren in het oosten en zuiden van het land, en bij oppervlaktewateren met weinig doorspoeling in het westen en noorden van het land.

Invloed benedenstroomse waterkwaliteit

De maatlat invloed op de benedenstroomse waterkwaliteit laat zien dat twintig procent van de RWZI’s (63 in aantal) ongeveer tachtig procent van de totale invloed op het Nederlandse regionale watersysteem veroorzaakt. De grootste invloed is te vinden bij RWZI’s die lozen op de boezemsystemen in het westen en noorden van het land. Hier is in de zomer sprake van een geringe doorstroming en dus een lange verblijftijd met relatief grote beïnvloede wateroppervlakken.

Voor wat betreft de beïnvloeding van de drinkwaterbronnen wijzen modelberekeningen uit dat 64 drinkwaterbronnen worden beïnvloed door oppervlaktewater met een significante concentratie medicijnresten.

Regionale verkenning

Het rapport geeft volgens Stowa een aantal handvatten die kunnen worden gebruikt om de ernst van de emissie te bepalen en om locaties te kunnen vaststellen waar de effectiviteit van eventuele maatregelen ter vermindering van die emissies het grootst is. Deze locaties worden aangeduid als hotspots. De uitkomsten dienen enerzijds de ontwikkeling van een landelijke visie over de omvang van eventuele maatregelen bij rwzi’s. Anderzijds vormen zij het vertrekpunt voor een regionale verkenning van, en discussie over eventueel daadwerkelijk te nemen maatregelen.

Verwijderen

Parallel aan de Hotspotanalyse heeft STOWA een verkenning uitgevoerd naar de effectiviteit en de kosten van mogelijke technieken voor het verwijderen van geneesmiddelen op rwzi’s. Beide STOWA-onderzoeken vormen een goede basis voor nadere analyses van de waterschappen om te besluiten of en waar zij tot aanvullende zuivering overgegaan. STOWA en de waterschappen gaan in pilotprojecten verschillende technieken testen op effectiviteit en kosten.

Bron: Stowa